Columnist Arthur van Amerongen, bekend van GeenStijl.nl, maakte op 31 oktober 2026 openbaar dat hij op 4 november 67 jaar wordt en aanspraak maakt op zijn AOW, maar dat de uitbetaling mogelijk nog een half jaar op zich laat wachten. Van Amerongen woont al een derde van zijn leven in het buitenland en krijgt daarom te maken met een forse korting op zijn pensioen en een langdurige administratieve procedure bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB).
Hij berekende dat zijn AOW in het beste geval op 7 procent van het nominale bedrag uitkomt. Wie lang buiten Nederland woont, bouwt minder AOP-opbouwjaar op en dat vertaalt zich rechtstreeks in een lagere uitkering. De columnist sprak in zijn column, volgens eigen zeggen, van een “Kafkaesque gevecht” met de Nederlandse en Portugese bureaucratie.
Hoe liep de aanvraag van zijn AOW?
De procedure begon volgens Van Amerongen met het aanvragen van een DigiD, iets waarvan hij niet wist dat het bestond voor Nederlanders in het buitenland. Een medewerkster van het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag belde hem op om zijn identiteit te verifiëren, meldt GeenStijl.nl. Naar eigen zeggen werd hij daarbij toegesproken alsof hij digitaal volledig onhandig was.
Na de DigiD-aanvraag volgde het verzamelen van documenten. Inmiddels heeft de schrijver rond de vijfentwintig documenten aangeleverd bij de instanties. Het wachten is nu op een beslissing van de SVB, die volgens Van Amerongen nog zeker een half jaar kan duren voordat de uitkering, die hij zelf “genadebrood” noemt, wordt uitbetaald.
Waarom krijgt hij minder AOW?
De AOW is gekoppeld aan het aantal jaren dat iemand in Nederland woont. Van Amerongen woont inmiddels ruim een derde van zijn leven in het buitenland en daardoor ontstaat een korting op zijn pensioen. Deze regel geldt voor alle Nederlanders die langdurig in het buitenland verblijven: wie het land verlaat, bouwt minder op en wie terugkeert, kan de gemiste jaren niet altijd inhalen.
De columnist reageert daarop met een verwijzing naar Vadertje Drees, de politicus die in 1947 de basis legde voor de AOW. Voor hem voelt de korting niet als een beloning voor jarenlange premiebetaling, maar als een straf van de overheid voor zijn keuze om in het buitenland te wonen.
Defensiebeleid en de vredesdividend-klacht
In dezelfde column gaat Van Amerongen uitgebreid in op de verslechterde staat van de Nederlandse krijgsmacht. Hij haalt daarvoor de socioloog J.A. van Doorn aan, die eind jaren zeventig al betoogde dat de kernfunctie van de krijgsmacht, het toepassen van geweld, werd verdoezeld en dat dit de gevechtscapaciteit aantastte.
Van Amerongen interviewde ooit de socioloog Herman Vuijsje over dit onderwerp. Vuijsje stelde dat de kritiek van Donald Trump op de achterblijvende Europese defensie-uitgaven, ondanks diens overige gebreken, terecht was. Na de Russische inval in Oekraine is die kritiek alleen maar urgenter geworden, aldus Vuijsje in het interview dat Van Amerongen citeerde.
“We zijn allemaal grootgebracht onder vaders paraplu, papa yankee die ons eerst bevrijdde, daarna beschermde en nu opnieuw komt opdraven om ons bij te staan in tijden van oorlog. Maar hoe lang nog?”
Vuijsje pleitte er in dat gesprek voor dat Europa zelfstandiger wordt in zijn defensie, mede gezien de instabiliteit rond de Europese grenzen, van Afrika via het Midden-Oosten tot de Kaukasus.
Advies aan lezers: pensioenpremie blijft nodig
Van Amerongen benadrukt dat de meeste lezers van de site al vanaf hun achttiende braaf premie betalen aan een pensioenfonds. Dat is verstandig, stelt hij, want wie wat bewaart, heeft wat. Hij verwijst naar de Achterhoekse uitdrukking “een dölleken veur den dorst” die zijn eerste schoonvader, een militair uit Ede, altijd gebruikte.
Diezelfde schoonvader overleed volgens de columnist op de eerste dag van zijn pensioen, elf uur nadat hij was gestopt met werken, aan een hartaanval. Het is een morbide maar reële waarschuwing dat een pensioen geen garantie biedt op een lange oude dag, schrijft Van Amerongen. Voor hemzelf is die gedachte aanleiding om voorlopig door te blijven werken, onder meer voor zijn eigen Substack-nieuwsbrief en podcast.
Wat gebeurt er nu?
Op 4 november 2026 wordt Arthur van Amerongen 67 jaar. Of zijn AOW-aanvraag dan al is goedgekeurd, is onzeker. De SVB moet nog een beslissing nemen over zijn dossier en de vijfentwintig documenten die hij heeft aangeleverd. Tot die tijd blijft hij schrijven en is de afhandeling van zijn pensioen in het buitenland een kwestie van geduld, aldus GeenStijl.nl.
FAQ
Waarom krijgt Arthur van Amerongen minder AOW?
Hij woont al een derde van zijn leven in het buitenland. De AOW-uitkering wordt gekort op basis van het aantal gewoond jaren in Nederland en komt daardoor in zijn geval uit op maximaal 7 procent van het nominale bedrag.
Hoe lang duurt de AOW-aanvraag in het buitenland?
Volgens Arthur van Amerongen kan de procedure bij de SVB nog zeker een half jaar duren na het indienen van alle documenten.
Wat zegt Herman Vuijsje over het Nederlandse defensiebeleid?
De socioloog stelt dat Europa te lang heeft geleund op de Verenigde Staten en zelfstandiger moet worden in zijn defensie, mede gezien de instabiliteit rondom Europa.
