Krijn Coppoolse en de zoektocht naar perfectie in het ringrijden
Krijn Coppoolse wordt door anderen de Godfather van het ringrijden genoemd, maar zelf houdt hij zich liever bezig met het perfectioneren van de sport. Al tientallen jaren is zijn naam verbonden aan grote wedstrijden, koninklijke bekers en de vereniging Gapinge, waarvoor hij rijdt. Aanstaande donderdag staat hij opnieuw aan de start van het Zeeuws Kampioenschap op het Molenwater in Middelburg.
Een indrukwekkende staat van dienst
Coppoolse won grote prijzen, reed jarenlang op het hoogste niveau en wordt binnen het ringrijden beschouwd als een van de meest constante rijders die Zeeland heeft voortgebracht. Toch gaat het hem niet alleen om winnen. Het gaat om de zoektocht naar de juiste houding, de juiste klik met het paard en dat extra beetje richting de ring.
Gapinge als toonaangevende vereniging
Coppoolse woont in de polders van Serooskerke, maar rijdt voor de ringrijdersvereniging uit Gapinge. Deze vereniging wordt in de ringrijwereld wel eens het FC Barcelona van het ringrijden genoemd. Een klein dorp, maar met grote namen zoals Sebastiaan Sturm, Rick Eckhardt, Dennis Willeboordse en Lein Langebeeke. Tussen die namen heeft Coppoolse een bijzondere plek, niet alleen door wat hij won, maar vooral door wat hij weet.
Blessure en terugkeer
Vorig jaar stond Coppoolse een tijd aan de kant door een blessure. Een jaar niet meedoen hakt erin, zowel fysiek als mentaal. “Je merkt gewoon dat je dan niet behoort bij dat festijn, bij die dag. Je bent geen deelnemer. Je komt wel kijken natuurlijk, maar je bent geen onderdeel. Je staat erbuiten.” Nu hij weer kan meedoen, voelt dat anders. “Dat is verschrikkelijk mooi. Daar geniet ik ook van. Als dat lukt, geeft dat enorm veel genoegdoening.”
De zoektocht naar het ideale ringrijpaard
Coppoolse groeide op met paarden en ringrijden. Vroeger had hij een Belgisch trekpaard met “heel veel geest”. Een fel paard dat niet minder werd na een paar beurten. “Heel dikwijls zie je die Belgen terugzakken als ze zes keer achter elkaar moeten lopen. Maar die van mij ging eigenlijk alleen maar harder.”
Toen dat paard er niet meer was, vond hij niet zomaar een vervanger. Andere trekpaarden waren trager, minder actief en minder fel in de beweging. Hij ging verder kijken dan het traditionele Belgische trekpaard en kwam uit bij kruisingen met Arabisch bloed. Niet om de traditie los te laten, maar om dichter bij zijn ideale ringrijpaard te komen.
Voor Coppoolse moet een paard wakker zijn, klaarstaan en reageren. “Ik wil graag dat het actief is. Niet dat je naar de baan komt en dat er dan een galopje komt, zeg maar. Dat kan ik niet goed.” In Arabisch bloed vond hij soepelheid, uithoudingsvermogen en felheid. “Deze staat wel paraat. Dit is voor mij een ultiem product. Echt mijn paard.”
Invloed op de sport
Met deze aanpak werd Coppoolse niet alleen een top-ringrijder, maar ook iemand naar wie anderen kijken. In de loop der jaren zijn meer rijders gaan kruisen, met trekpaard en Arabier of andere mengvormen. “Dat vind ik eigenlijk alleen maar leuk”, zegt hij. Voor hem is het geen geheim dat bewaakt moet worden, maar een zoektocht die door anderen wordt opgepakt. Zelf beschouwt hij zijn kruising als een eindproduct. “Ik zou niet weten wat je er nog op moet zetten.”
Toch schrijft Coppoolse het klassieke trekpaard niet af. “Ik ben ook een Belgman”, zegt hij. Hij houdt van het beeld van het traditionele Belgisch trekpaard dat krachtig door de baan loopt. Maar als sportman zoekt hij naar wat werkt, naar het paard dat past bij zijn manier van rijden.
De connectie met het paard
Die connectie met het paard is volgens Coppoolse onmisbaar, zeker als je echt voor de prijzen rijdt. “Als je het echt wil winnen, is elk klikje ervaring een must. En dan vooral de connectie met je paard.” Hij praat ook tegen zijn paard en raadt dat anderen aan. “Dan krijg je een soort connectie. Je merkt dat.”
Veranderingen in de sport
Ringrijden is veranderd. Vroeger was er volgens Coppoolse meer de ouderwetse beleving, meer dorpenstrijd en meer afstand tussen concurrenten. “Als je dan bezig was op die dagen, dan praatte je niet met die anderen. Je bleef een beetje van elkaar weg totdat het klaar was.” Nu noemt hij het meer een ringrijfamilie, verbroederd, maar met de strijd die er nog altijd is.
Die dorpenstrijd vindt hij nog steeds prachtig, vooral op klassenwedstrijden. “Dat je gewoon met alle dorpen bezig bent, dat vind ik geweldig. Van alle dorpen zijn er vertegenwoordigers en juist dan die strijd tegen elkaar aangaan. Dat vind ik eigenlijk de mooiste wedstrijd van het jaar.”
De betekenis van de handdruk van zijn vader
Coppoolse won veel, maar als hem wordt gevraagd wat hem het meest is bijgebleven, komt er geen beker of kampioenschap. Dan komt zijn vader. “Wat altijd bij zal blijven, is niet zozeer een prijs. Dat is eigenlijk altijd de handdruk van mijn vader als ik klaar was met ringrijden.” Zijn vader hing vroeger de ringen en hielp hem oefenen. Na een wedstrijd was zijn vader niet iemand van grote woorden, maar thuis kwam die ferme handdruk. “Dat is eigenlijk de kroon op alles voor mij. Dat hij zo trots was, dat vond ik geweldig.”
Vooruitblik op het Zeeuws Kampioenschap
Op 20 augustus wil Coppoolse er weer staan in Middelburg. Het Zeeuws Kampioenschap blijft voor hem een dag die hij niet zomaar overslaat. Vorig jaar reed hij bijna nergens, maar toch dacht hij: naar Middelburg moet ik. “Dan zie ik wel weer waar het schip strandt.”
Hij weet dat hij geen twintig meer is en dat de top breed is. Meer rijders kunnen winnen en meer combinaties zijn sterk. “Maar ik weet wat ik kan. Het kan gebeuren. Maar het kan ook niet gebeuren. Dat is een reëel scenario.”
Kan de Godfather van het ringrijden nog één keer toeslaan? Hij zal niet roepen dat het zomaar gebeurt, daarvoor is hij te nuchter. Maar uitsluiten doet hij het ook niet. “Ik zou niet zeggen dat dat niet meer kan. Het is de vorm van de dag. De ene keer steek je ze fluitend en de andere keer moet je er moeite voor doen.”
Misschien is dat precies waarom Krijn Coppoolse zo belangrijk is voor het ringrijden. Hij is niet alleen een winnaar uit het verleden, maar nog altijd deelnemer, paardenman, voorbeeld en zoeker. Iemand die de sport mee vorm heeft gegeven en er nog steeds middenin staat. De Godfather, al zal hij dat zelf nooit te hard zeggen. Liever blijft hij doen wat hij al tientallen jaren doet: kijken, voelen, verbeteren en wachten op die ene dag waarop alles weer klopt.