Nederlandse overheid en bedrijven sterk afhankelijk van Amerikaanse cloudservices
Een uitgebreid onderzoek van de NOS toont aan dat 67 procent van de 16.500 onderzochte domeinnamen van Nederlandse overheden, zorginstellingen, scholen en vitale bedrijven gekoppeld is aan minimaal één Amerikaanse clouddienst. Deze bevindingen werpen een licht op de digitale infrastructuurafhankelijkheid van Nederland ten opzichte van de Verenigde Staten.
Microsoft domineert Nederlandse digitale infrastructuur
Het onderzoek wijst uit dat Microsoft een marktaandeel van 49 procent heeft onder de onderzochte domeinnamen. Deze dominante positie strekt zich uit over verschillende sectoren, van overheidsdiensten tot de gezondheidszorg. Ter illustratie: 29 van de circa 70 ziekenhuizen met een patiëntenportaal maken gebruik van Amerikaanse cloudservices, waarvan 28 gevallen gekoppeld zijn aan Microsoft-servers.
De reikwijdte van deze afhankelijkheid wordt verder geïllustreerd door recente beslissingen van overheidsinstellingen. In oktober kondigde het demissionaire kabinet aan dat de Belastingdienst zijn e-mailsystemen naar Microsoft zal verplaatsen. Eerder maakten al de Eerste Kamer, Tweede Kamer, Autoriteit Financiële Markten en Nederlandse Zorgautoriteit deze overgang.
Juridische en veiligheidsimplicaties
De afhankelijkheid van Amerikaanse cloudservices brengt juridische complexiteiten met zich mee. Hoewel data vaak in Europa worden opgeslagen, blijft Amerikaanse wetgeving van toepassing, wat Amerikaanse inlichtingen- en opsporingsdiensten toegang kan verlenen. Microsoft-rapporten tonen aan dat in de tweede helft van 2024 Amerikaanse diensten 57 keer om data vroegen die buiten de VS waren opgeslagen, waarvan vijf gevallen bedrijven betroffen.
Deze situatie heeft aan relevantie gewonnen sinds de aantreding van president Trump. Potentiële conflicten tussen Nederland en de VS zouden tot sancties kunnen leiden die techbedrijven dwingen diensten aan Nederlandse klanten te staken, zoals eerder gebeurde bij het Internationaal Strafhof in Den Haag.
Politieke respons en toekomstige beleidsrichtingen
Tweede Kamerlid Barbara Kathmann van GroenLinks-PvdA heeft digitale onafhankelijkheid tot speerpunt gemaakt en stelt: "We zitten in de houdgreep. We kunnen ons daar alleen uitworstelen door rap digitaal onafhankelijker te worden." De Tweede Kamer heeft deze week tijdens debatten over de overname van Nederlandse techbedrijf Solvinity door een Amerikaanse branchegenoot verhoogde aandacht getoond voor deze problematiek.
Internetexpert Bert Hubert, die al jaren pleit voor digitale autonomie, wijst erop dat het probleem zich al vijf jaar ontwikkelt. Hij constateert dat afgeschreven ICT-systemen vaak worden vervangen door Amerikaanse clouddiensten, ook wanneer lokale alternatieven technisch haalbaar blijven.
Beleidsuitdagingen en strategische overwegingen
De huidige situatie vraagt om een heroverweging van de Nederlandse digitale infrastructuurstrategie. De afhankelijkheid van Amerikaanse technologie raakt kernfuncties van de samenleving, van gezondheidszorg tot overheidsdiensten. Dit roept vragen op over digitale soevereiniteit en de balans tussen technologische efficiëntie en strategische autonomie.
De discussie over deze afhankelijkheid krijgt extra urgentie door geopolitieke ontwikkelingen en de noodzaak van een robuuste digitale infrastructuur die bestand is tegen externe druk. Het vraagstuk vormt een belangrijk aandachtspunt voor beleidsmakers bij het vormgeven van toekomstige digitale strategieën.